Nieuwsbericht

Toepassing SEB-Convenant inmiddels de norm voor duurzaam baggerwerk

14 april 2026 | 6 minuten lezen

In aanbestedingen voor baggerwerk zien we de afgelopen jaren een duidelijke verschuiving. Waar emissiereductie en inzet van duurzaam materieel eerder vooral als beleidsambitie werden benoemd, worden deze thema’s inmiddels veelvuldig expliciet en contractueel vastgelegd. Niet als experiment of pilot, maar als regulier onderdeel van het bestek.

Die verschuiving is geen toeval, maar een logisch gevolg van het Convenant Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB). Dit is door ruim 160 partijen ondertekend waarvan het merendeel ook waterbeheerder is. Uit een recente inventarisatie van aanbestedingen van waterschappen, provincies en gemeenten door de Buyer Group Duurzaam Baggeren blijkt dat een groot deel van de waterbeheerders de uitgangspunten van de Marktvisie Duurzaam Baggeren inmiddels toepast in de praktijk. De uitgangspunten van de marktvisie zijn één op één overgenomen uit het SEB. De inventarisatie laat een herkenbaar patroon zien: opdrachtgevers zoeken naar manieren om SEB-ambities zó te borgen dat ze uitvoerbaar, juridisch houdbaar, financieel beheersbaar blijven en emissiereductie realiseren. Ook wordt er al heel vaak emissieloos materieel uitgevraagd. Udo Perdok, Projectmanager Waterschap Brabantse Delta en Michel van Duuren, Senior adviseur inkoop van waterschap Hollandse Delta passen al meerdere jaren SEB-criteria toe in hun aanbestedingen. Los van elkaar zijn zij tot een vergelijkbare aanpak gekomen.

Wat gebeurt er al in de praktijk?

De inventarisatie laat zien dat bij meer dan 75% van de waterschappen en bij zeker de helft van de provincies SEB-doelstellingen aantoonbaar zijn verwerkt in aanbestedingen voor baggerwerk. Evert Swart, projectleider van de Buyer Group Duurzaam Baggeren: “Dit zal in de werkelijkheid nog iets hoger liggen. Verwerking van de marktvisie varieert van het voorschrijven van HVO100 tot het belonen van emissieloos materieel, en van duurzaamheidsplannen tot meerjarige raamcontracten.” Ook heel veel gemeenten, zowel ondertekenaars van het SEB-convenant als niet ondertekenaars, hebben de SEB-doelstellingen in hun aanbestedingen verwerkt.

Fase van experimenteren voorbij

Opvallend is dat verschillende organisaties — los van elkaar — vergelijkbare keuzes maken. Dat wijst erop dat de sector de fase van experimenteren grotendeels voorbij is. De aandacht verschuift van óf SEB toepasbaar is, naar hoe dit op een robuuste manier kan worden ingebed in reguliere contracten.

‘Voor ons is het toepassen van SEB-eisen inmiddels heel normaal geworden. Door prestatieafspraken te maken met opdrachtnemers houden wij de regie, terwijl zij ruimte krijgen om efficiënt met materieel en planning om te gaan’ - Udo Perdok, Waterschap Brabantse Delta
 


Udo Perdok

Ook Rijkswaterstaat heeft het SEB basisniveau inmiddels breed ingevoerd in haar contracten, waarmee deze werkwijze inmiddels ‘het nieuwe normaal’ is. Daarmee sluit Rijkswaterstaat aan bij dezelfde beweging die nu bij waterschappen, provincies en gemeenten zichtbaar wordt. De volgende stap ligt bij het verder operationaliseren van het ambitieuze niveau.

De SEB-Routekaart als contracteis

Tussen de vele praktijkvoorbeelden valt één aanpak op door de eenduidigheid en herhaalbaarheid: het opnemen van de SEB-Routekaart als expliciete contracteis. Meerdere waterbeheerders, waaronder Udo Perdok en Michel van Duuren hanteren deze aanpak inmiddels in hun aanbestedingen voor baggerwerk.

Door de routekaart als eis op te nemen:

  • wordt direct aangesloten bij bestuurlijk vastgestelde afspraken;
  • wordt een methode gebruikt die juridisch getoetst is en met de markt overeengekomen;
  • is voor opdrachtnemers helder welk ambitieniveau wordt verwacht;
  • ontstaat een toetsbaar kader voor uitvoering en naleving.

De routekaart is geen nieuw instrument. De meeste organisaties kennen deze al vanuit beleid en bestuurlijke afspraken. Het verschil zit in de stap van kennen naar toepassen.

Michel van Duuren; “Door de SEB-Routekaart niet alleen als beleid, maar ook als contracteis op te nemen, werken we aantoonbaar toe naar de doelen voor 2030.” Perdok vult aan: “Door expliciet met de routekaart te werken ontstaat er ook nog eens meer eenduidigheid richting de markt. Dat maakt deze aanpak ook efficiënter.

In verschillende aanbestedingen is deze aanpak inmiddels toegepast. Enkele voorbeelden zijn:

Waterschap Hollandse Delta heeft in zijn aanbestedingsleidraad en Programma van Eisen voor de raamovereenkomst Stedelijk Baggeren 2026-2029 (TenderNed) naleving van de SEB Routekaart als contracteis gedefinieerd.

Gemeente Zaanstad; De aanbesteding ‘Bestek 25-003 Het verdiepen van de Dirk Metselaarhaven, Isaac Baarthaven, Zijkanaal G en het centrale havenbekken in Zaanstad’ verklaart in twee alinea’s het basisniveau van SEB-convenant van toepassing. De routekaart is als bijlage toegevoegd.

Waterschap Brabantse Delta heeft voor zijn wateren in o.a. stedelijk beheergebied doelstellingen uit het SEB-convenant als eis voorgeschreven. Hierbij geldt het ambitieuze niveau. Elke SEB-doelstelling is in de aanbesteding toegelicht aan de hand van tabellen uit de routekaart en een interpretatieduiding.

Waterschap Zuiderzeeland; Baggerwerkzaamheden en onderhoud beschoeiingen in stedelijk gebied Almere, Swifterband en Biddinghuizen. In deze aanbesteding zijn de SEB doelstellingen verwerkt in een RAW-opzet.

Gemeente Amsterdam; In het overzicht ‘duurzaamheidseisen’, dat onderdeel is van de aanbesteding RAW-raamovereenkomst baggeren Amsterdam, is de SEB-Routekaart van toepassing verklaard in combinatie met de eigen gemeentelijke Uitvoeringsagenda Mobiliteit.

*Deze voorbeelden, waarbij de SEB-Routekaart als contracteis is opgenomen, zijn afkomstig uit openbare aanbestedingen op o.a. TenderNed. Bij navraag is de tevredenheid hierover onder opdrachtgevers en opdrachtnemers hoog gebleken.

Waarom juist deze aanpak werkt

Voor veel opdrachtgevers speelt terughoudendheid een rol bij het aanscherpen van duurzaamheidseisen. Vragen over juridische risico’s, uitvoerbaarheid en kosten komen vaak voor. Juist daarom is het relevant dat de SEB-Routekaart inmiddels meermalen is toegepast zonder dat dit heeft geleid tot juridische of aanbestedingstechnische problemen.

Organisaties die deze stap hebben gezet geven aan dat:

•            het gesprek met de markt duidelijker wordt, de actieve communicatiecampagne vanuit het SEB-convenant (lees ‘OpwegnaarSEB.nl) bereikt immers ook hen;

•            verwachtingen vooraf expliciet zijn; het SEB-convenant geeft duidelijke kaders en keuzes aan;

•            door te sturen op prestaties worden veel discussies voorkomen tijdens de uitvoering.

De Routekaart fungeert daarmee niet alleen als duurzaamheidsinstrument, maar ook als ordenend kader voor de contractrelatie.

Udo Perdok; ‘Onzekerheden die wij vooraf hadden, zoals de beschikbaarheid van materieel en laadcapaciteit, bleken in de praktijk goed oplosbaar zodra we het gesprek met de markt aangingen. Opdrachtnemers komen vaak al met werkbare oplossingen.” Van Duuren: “Doordat aannemers bovendien zelf kunnen bepalen welk materieel ze inzetten, ontstaat flexibiliteit. Wij toetsen vervolgens of de beloofde SEB-prestatie ook daadwerkelijk wordt geleverd’

Financiële beheersbaarheid: uitvoering binnen vastgestelde koers

Convenantpartners hebben met de ondertekening van het SEB gekozen voor een duidelijke koers richting schoon en emissieloos baggeren. Daarmee ligt de vraag niet meer bij de wenselijkheid, maar bij de praktische en financieel beheersbare uitvoering. De praktijk laat ook zien dat SEB-doelstellingen uitvoerbaar zijn binnen reguliere projecten. Waterbeheerders passen de routekaart inmiddels toe en combineren deze bijvoorbeeld met:

  • meerjarige contracten, waardoor investeringen kunnen worden uitgesmeerd;
  • inzicht in kostenverschillen tussen emissieloos en conventioneel materieel;
  • en, indien passend, inzet van de SPUK-SEB-regeling.

Zo wordt duurzaamheid geen afzonderlijke kostenpost, maar, in overeenstemming met het convenant, een integraal onderdeel van de reguliere projectafweging en het projectbudget.

Doordat we in concurrentie de opdrachten wegzetten en duurzame brandstof al zo gebruikelijk is in deze markt heeft het eisen van de SEB-routekaart maar beperkte meerkosten opgeleverd. - Michel van Duuren waterschap Hollandse Delta.

Van koplopers naar peloton: wat betekent dit voor jouw aankomende aanbesteding?

De analyse laat zien dat een substantieel deel van de waterbeheerders deze stap al heeft gezet. Dat betekent niet dat iedere organisatie nu hetzelfde moet doen, maar wel dat de ruimte voor een geleidelijke en gecontroleerde overgang nu maximaal is.

Juist organisaties die tot nu toe hebben gewacht, kunnen profiteren van:

  • bewezen contractvormen;
  • geleerde lessen van collega-waterbeheerders;
  • een markt die zich inmiddels heeft ingesteld aan deze uitvragen.

Het opnemen van de SEB-Routekaart als contracteis laat zien dat verduurzaming van baggerwerk geen radicale innovatie hoeft te zijn, maar ook kan beginnen met het consequent toepassen van bestaande afspraken.

Deze aanpak sluit ook aan bij de doorontwikkeling van de RAW-systematiek, die door CROW wordt beheerd. CROW werkt aan uniforme RAW-catalogusbepalingen voor het toepassen van het SEB-convenant in contracten. Daarmee wordt de werkwijze die steeds meer opdrachtgevers al toepassen ook verankerd in de RAW-systematiek. In dit traject werkt CROW samen met een evenwichtig samengestelde landelijke werkgroep. De bepalingen komen naar verwachting eind september 2026 beschikbaar.

Udo Perdok; ‘Begin gewoon als je dat niet al gedaan hebt, ingewikkeld is het allang niet meer’. Michel van Duuren; ‘Er zijn inmiddels voldoende voorbeelden van aanbestedende diensten die hiermee werken. Begin desnoods met een overzichtelijk project en bouw het daarna verder uit. Daarnaast draagt het emissieloos bouwen positief bij aan de arbeidsomstandigheden van de medewerkers waaronder de kraanmachinist. Teven is er sprake van minder geluids- en stankoverlast voor de omgeving ten opzichte van traditioneel materieel.

Tot slot

De ervaringen met de SEB-Routekaart als contracteis laten zien dat de basis inmiddels stevig genoeg is om deze aanpak breder toe te passen — ook door organisaties die waarde hechten aan zekerheid, voorspelbaarheid en beheersbaarheid. Op deze manier blijven we als overheid en markt consistente stappen zetten richting schoon en emissieloos baggerwerk.

Auteur: Evert Swart (Adviseur Duurzaam Opdrachtgeverschap)

Foto: Udo Perdok