RAWeetje

Hoe roep ik een bankgarantie in?

Wanneer een opdrachtgever overweegt gebruik te maken van de zekerheidstelling door het inroepen van de bankgarantie, bestaat er veelal een ernstige situatie.
4 juni 2020 | 2 minuten lezen

Juist in die omstandigheden dient het inroepen zorgvuldig te gebeuren. De bepalingen in artikel 01.07.01 van de Standaard RAW Bepalingen en het daaraan, in de bijlage toegevoegde model bankgarantie, maken die zorgvuldigheid mogelijk. De bepalingen van de Standaard RAW Bepalingen sluiten aan bij hetgeen in de UAV en de Gids Proportionaliteit is geregeld omtrent inroepen van een bankgarantie.

Bankgaranties leggen een beslag op de liquiditeit van een onderneming. Bovendien zitten voor de inschrijvers kosten aan het verkrijgen van een dergelijke zekerheidstelling. Om die reden is het dan ook raadzaam een zekerheidstelling te bedingen indien dat voor de uitvoering van de opdracht strikt noodzakelijk is. Als proportioneel richtsnoer hiervoor wordt maximaal 5% van de opdrachtwaarde aangemerkt; de Gids Proportionaliteit regelt dat slechts in zeer uitzonderlijke gevallen (mits deugdelijk gemotiveerd) van deze richtsnoer van 5% kan worden afgeweken.

Om opdrachtgevers een duidelijke en evenwichtige zekerheidstelling te kunnen bieden en vanwege het streven naar uniformering in vorm en inhoud is in de UAV paragraaf 43a opgenomen, die in zijn geheel over zekerheidstelling handelt. Daarin is ook vastgelegd dat de waarde van de zekerheid gelijk is aan 5% van de aannemingssom (hetgeen aansluit bij de Gids Proportionaliteit) en dat de zekerheid dient te worden gesteld in de vorm van een bankgarantie. Vorm en inhoud van de bankgarantie zijn niet in de UAV vastgelegd, maar wel in de Standaard RAW Bepalingen. Het daarin opgenomen model Bankgarantie sluit naadloos aan op paragraaf 43a van de UAV. In een RAW-bestek is de UAV van toepassing op het werk en daarmee ook paragraaf 43a.

Bij normale uitvoering van het werk zal de opdrachtgever geen beroep doen op de door de aannemer gestelde zekerheid. Dat kan echter anders worden als de aannemer bijvoorbeeld het werk in onvoltooide staat beëindigt. Dan is er vaak sprake van een ernstige situatie en zal de opdrachtgever overwegen gebruik te maken van de zekerheidstelling door het inroepen van de bankgarantie. Juist vanwege die veelal ernstige situatie dient het inroepen zorgvuldig te gebeuren. Het model Bankgarantie waarborgt die zorgvuldigheid.

Het inroepen van de bankgarantie gebeurt door de opdrachtgever bij de bank die de zekerheidstelling heeft verleend door middel van een schriftelijk verzoek waarin vermeld staat dat de aannemer in (ernstige) gebreke is gebleven. De opdrachtgever dient daarbij een afschrift te voegen van een door hem aan de aannemer gerichte aangetekende brief waarin de opdrachtgever de aannemer kennis geeft van zijn voornemen de bankgarantie in te roepen en waarvan de verzenddatum ten minste tien dagen is verstreken. Die tien dagen geeft de aannemer de gelegenheid om bijvoorbeeld een spoedarbitrage bij de Raad van Arbitrage voor de Bouwbedrijven in Nederland aanhangig te maken. Als de aannemer dit laatste heeft gedaan, kan hij een ontvangstbevestiging van de Raad van Arbitrage overleggen aan de bank die op zijn beurt moet wachten met het uitkeren van het bedrag van de bankgarantie aan de opdrachtgever totdat de Raad van Arbitrage dienovereenkomstig heeft beslist.

Wanneer een zekerheidstelling wordt bedongen, is het alleszins verstandig om de zekerheidstelling niet langer dan nodig te laten lopen, zodat de aannemer niet onnodig wordt belemmerd in zijn financiële armslag. Is een substantieel deel van de opdracht afgerond, dan kan de zekerheid naar beneden worden bijgesteld. Dubbele zekerheidstellingen (bijvoorbeeld bankgarantie en inhouding betalingen) zijn niet proportioneel.

Download hier de PDF versie van het RAWeetje

HomeGroepen